KrakLog

Ruimteklimmen

2001 2

Dat rennen van gisteren kan nog, maar het plaatje hierboven is wel heel onwaarschijnlijk. Hier komt namelijk een meneer uit de zwaartekrachtvrijezone (de stilstaande) de kunstmatige zwaartekrachtzone in, met een trapje. In het midden (bij het gat waar hij uitkomt) is de snelheid van ronddraaien nog minimaal en dus ook de kunstmatige zwaartekracht minimaal. Immers:

F=mV2/r of F=mω2r

Omdat ω gelijk blijft als hij van het trapje klimt, neemt de (zwaarte)kracht evenredig met het afdalen van het trapje, toe.
Da’s niet zo erg, maar het gaat fout als hij valt. Als hij halverwege het trapje los zou laten, zou hij niet ‘recht-naar-benenden’ vallen. Er is namelijk geen zwaartekracht, alleen snelheid. De snelheid is loodrecht op het trapje en als hij loslaat, gaat hij in die richting verder. In dit geval, met de halve snelheid van de ronddraaiende ‘bodem’. Hij houdt die snelheid tot hij op de ‘grond’ komt en zal daar dus ineens in mee moeten draaien. Hij zal tegen de stoelen en de suspended-animation-units die er staan opklappen. Voorwaar geen pretje. Het is veel waarschijnlijker dat het trapje een kwartslag gedraaid zou staan, liefst met een koker er om heen. Zodat, als hij valt, hij ‘verticaal’ valt.

Als er toelichtende tekeningen nodig zijn, hoor ik dat graag.